Manifestatie (2)

Wanneer er vanuit de universele Spirit een straal start, projecterend in de richting van de manifestatie, wordt die Dipak genoemd, wat licht betekent. In zijn laagste manifestatie verandert de straal in Cupido, in spelling het tegenovergestelde van het woord ´dipak´. In het Arabisch wordt de straal Nur, licht, genoemd, waarvan de woorden Nar, de man, en Nári, de vrouwen, zijn afgeleid.

Het is heel moeilijk om stralen te onderscheiden van licht en om licht te onderscheiden van stralen. Dat hangt af van ons begrip. In de stralen is het licht meer gescheiden, meer onderscheiden, terwijl licht op zich meer verzameld, meer bij elkaar is. Tegelijkertijd echter zouden we ons moeten herinneren dat de waarheid niet in woorden uitgedrukt kunnen worden; het enige wat we kunnen doen is een poging te wagen om het mysterie van het leven begrijpbaar voor onze minds te maken. Het onderscheid tussen licht en zon en stralen is zeer nuttig, maar het dient door het licht van de intuïtie begrepen te worden; dan zal het duidelijk worden. Neem bijvoorbeeld het voorbeeld van de regen; waarom dienen regendruppels ook vergiftige planten en kruiden tot bloei te brengen, waarom zouden ze niet alleen op graan, fruit en bloemen vallen? Zij vallen overal; en dat doen ook de stralen die van de zon af komen. Het goddelijke licht valt net als de regen overal zonder onderscheid te maken.

Toen de wetenschap het geheim van de elektricteit ontdekte was de wetenschap op die dag ook het geheim van de ziel aan het ontdekken. Want het geheim van de ziel is niet ver verwijderd van het geheim van de elektriciteit. De stroom van elektriciteit is niet noodzakerlijkewijs hetzelfde als elektriciteit. Elektriciteit is de macht die in de stroom is verborgen. Dat is ook zo met de ziel; de ziel trekt door een of ander geheime stroom atomen aan; en die stroom is de ziel zelf. Het is net als de ene bol over de andere. Er bevindt zich iets in het lichaam, maar tegelijkertijd wordt het allemaal verzameld en bij elkaar gebracht in die stroom; en die stroom is de straal; het is de goddelijke stroom.

In de engelsfeer trekt de ziel engel-atomen aan; in de djin-sfeer trekt ze djin-atomen aan en op aarde fysieke atomen. Op die manier gaat de mensheid gekleed in het gewaad van een engel, van een djin en van een menselijk wezen; maar wanneer hij alleen zichzelf in het gewaad van een menselijk wezen ziet, zonder de andere gewaden te zien, dan gelooft hij dat hij niets anders dan een menselijk wezen is.

De zielen die te voorschijn komen krijgen impressies van zielen die teruggaan omdat zij alles wat hen wordt gegeven door de zielen die de aarde verlaten in zich opnemen, bevatten, leren en ontvangen. Maar wat er werkelijk gebeurt is reflectie; zielen die te voorschijn komen uit de hemel wordt beïndrukt. Het is net als een impressie op een fotografische plaat; en wanneer ze op aarde komen wordt de fotografische plaat ontwikkeld en afgemaakt.

Als regel vindt de reflectie van twee zielen die elkaar ontmoeten op die manier plaats; er is echter een verschil in de kwaliteiten van de zielen. Op de ene ziel wordt een impressie onmiddellijk gemaakt en op een andere ziel duurt dat langer. Dat komt door de intensiteit van macht en straling die de ziel binnenin zichzelf meebrengt.

Zielen die op weg zijn naar de aarde weten tegelijkertijd wel en niet exact dat ze op de weg zijn om het leven hier te ervaren. Er is een impuls om vooruit te gaan en datgene waartoe ze in staat zijn te ervaren. Die neiging geeft de ziel de kracht om vooruit te gaan en degene die in staat zijn om ver genoeg vooruit te gaan manifesteren zich als menselijke wezens.

De ziel brengt vanuit de wereld van de djins een accommodatie voor haar mind met zich mee naar de aarde. Een accommodatie die al is voorbereid in een zeer negatieve staat. De wereld van de djin is het niveau waar ze haar accommodatie vandaan krijgt. Ze krijgt een lichaam nadat ze op aarde is gekomen, maar de accommodatie wordt later gevuld nadat de ziel is ontwaakt op het aarde-niveau; op dit niveau verzamelt de ziel alles. Er is bijvoorbeeld een kind dat heel aandachtig naar muziek luistert, terwijl een ander kind ervoor weg rent; dit betekent dat het laatste kind niet het model heeft waarin muziek is gegrift. Het zal later leren om muziek te waarderen als het ernaar wil luisteren, maar bij het eerste kind was het model al gemaakt en de muziek die het hoort zal gemakkelijk in dat model passen.

De ziel die impressies verzamelt, bouwt eerst het astrale wezen op, vervolgens trekt ze de beide seksen naar elkaar toe, zich eerst aan hen in ether, het voelen, manifesterend; vervolgens in lucht, het denken; dan in vuur, het verlangen; zich daarna manifesterend in water en aarde-elementen, de substantie van beide verzamelend en groeperend, een klei kiezend die geschikt is voor haar formatie. Over het algemeen kiest een ziel ook haar geboorteplaats en gezin. De zeil erft de kwaliteiten van de vader en de vorm van de moeder, in andere gevallen het omgekeerde; de erfenis van de kant van de vader en van de moeder aantrekkend totdat ze als baby op aarde stapt.

Een moeder die ziet de groei van haar kind ziet zegt dat haar kind zo veel pond heeft toegenomen. In feite heeft het zoveel verloren, want de ziel van het kind heeft vanuit zijn onsterfelijke natuur sterfelijke onbewustzijn geproduceerd teneinde het leven te ervaren en hoe meer de aardse substantie wordt opgebouwd hoe meer het hemelse wezen wordt verloren, hoe zwakker het is geworden en hoe veel minder de almachtige macht is geworden.

Sekse wordt op elk niveau waar de ziel haar voertuig vormt bepaald; eerst op het niveau van het bewustzijn waar ze opstijgt als dynamische kracht of intelligentie, vervolgens op het niveau van het abstracte als geluid of licht, wat de man macht geeft en de vrouw wijsheid. In de man manifesteert zich dit als invloed en in de vrouw als schoonheid. Op het spirituele niveau manifesteert de sekse zich als expressie en reactie, wat de man de vaderlijke en de vrouw de moederlijke eigenschap geeft.

Wanneer en waarom werd het verschil van de seksen in de manifestatie geproduceerd? Je kunt niet zeggen dat de ziel van de vrouw of de ziel van de man eerst werd gemaakt, omdat de ziel noch mannelijk noch vrouwelijk is. Wanneer de ziel het punt bereikt waarop het onderscheid van sekse opkomt, is ze eerst mannelijk; als ze vervolgens verfijnder wenst te worden, wordt ze vrouwelijk. We kunnen in de pit van de amandel en van andere noten zien dat waar er twee pitten in een notendop zitten de vrouwelijk pit gevormd is uit de mannelijke.

Je noemt soms mannen en vrouwen die van elkaar houden evenzeer twee delen van een ziel; maar dit kan alleen gezegd worden in die betekenis dat we allemaal delen van een ziel zijn. Tussen de man en de vrouw kunnen er affiniteiten zijn van het engel-niveau, van het djin-niveau en van het fysieke niveau; veel verschillende banden en affiniteiten trekken hen naar elkaar toe.

Deze hele wereld van illusie kon alleen maar geproduceerd worden door dualiteit. In werkelijkheid zijn er geen twee, maar één. Teneinde deze wereld te produceren, moest het ene Wezen Zich in tweeën veranderen, en die twee dienden verschillend te zijn. We hebben twee ogen maar één zicht, twee oren maar één gehoor, twee neusvleugels maar één adem. De adem heeft onderscheiden kwaliteiten en vermogen al naar gelang hij door het ene of door het andere neusgat stroomt; het is echter dezelfde adem.

Als we een spiegel in de zonneschijn houden en het omdraaien zullen sommige flitsen sterker zijn en sommige zwakker; sommige derhalve positief, sommige negatief. Op dezelfde manier verschillen vanaf het eerste begin de stralen van het bewustzijn van elkaar in hun energie. Vervolgens ontmoet de straal op zijn weg naar de manifestatie plotseling de mannelijke en de vrouwelijke ziel en wordt de impressie van het mannelijke en het vrouwelijke op haar gemaakt. Ze kan grote creatieve krachten hebben en toch als vrouw verschijnen vanwege deze impressie, of ze kan van een vrouwelijke kwaliteit zijn en als man verschijnen vanwege de impressie die ze heeft ontvangen. Wanneer de ziel het fysieke niveau bereikt, hangt haar sekse af van de ouders, van de planeten en van de tijd.

De sekse die ze in de tijd van de formatie aanneemt wordt later niet veranderd. In de Gulman en Peri bestaat de sekse ook, ofschoon in een mindere mate. We zijn via het niveau van Gulman en Peri gegaan, maar we zijn niet Gulman en Peri; net zoals we op weg naar Rusland via Duitsland kunnen reizen en we toch geen Duitsers worden omdat we door dat land hebben gereisd. Degenen die zich vestigen in de wereld van Gulman en Peri, zijn Gulman en Peri. Zij hebben noch de neiging noch de macht om verder te gaan.

De reden voor de gehele manifestatie is dat de manifestatie de natuur van God is. Hierdoor verkrijgt Hij bevrediging door de voltooiing van het doel van de gehele schepping. Maar de bevrediging van God is niet iets waarvan alleen Hij zich bewust is; het is iets wat Hem toebehoort maar tot voltooiing wordt gebracht. Vreugde is iets wat ons toebehoort, maar wordt opgeroepen door een bepaalde emotie, een bepaalde handeling; dus brengt deze gehele schepping, die een handeling is, God de bevrediging waarvoor ze werd geschapen. Ze brengt God niets nieuws; ze maakt Hem zich er alleen maar bewust van wat Hij is.

Het is uiterst interessant om te begrijpen hoe de handeling van God in de manifestatie werkzaam is. Iemand begint bijvoorbeeld soms in de kamer rond te lopen, of begint met zijn vingers te trommelen, of kijkt op en neer zonder enige aanleiding. Waarom doet hij dat? Omdat de afwezigheid van handeling het effect heeft van verlamming van de activiteit van de mind; en wanneer de afwezigheid van handeling de mind heeft verlamd begint de ziel zich eenzaam te voelen en begint ze zich af te vragen of ze nog wel leeft. Wanneer ze echter begint te lopen of stopt realiseert ze zich dat ze levend is, omdat ze dan leeft in het uiterlijke bewustzijn van het leven. Als we hier meer over nadenken dan opent dat een heel breed kennisgebied.

Natuurlijk wordt niet alle beweging veroorzaakt door rusteloosheid, want er zijn twee toestanden: zwakte en kracht. Wanneer iemand zwak is dan zal hij wanneer hij eenmaal in beweging is gekomen ongecontroleerd door blijven gaan; het andere aspect echter is kracht en dat is iets totaal anders.

Manifestatie vindt plaats in tijd en ruimte. De zon, de maan en de planeten hebben allemaal hun invloed. De morgen, de middag, de avond, de nacht en elk uur van de dag heeft ook zijn eigen specifieke invloed. De kinderen van een vader en een moeder zijn erg verschillend van elkaar in gewicht, in lengte, in verschijning, op elke manier, omdat ze op verschillende tijden zijn geboren. Als de ene broer vijftien jaar oud is en de andere vijf dan zal het verschil tussen hen erg groot zijn. Tweelingen lijken heel veel op elkaar omdat er weinig verschil in de tijd van hun geboorte ligt. Lammeren lijken zo veel op elkaar omdat ze in hetzelfde seizoen worden geboren; en vissen van dezelfde soort zijn bijna gelijk omdat duizenden van hen op hetzelfde moment worden geproduceerd.

Dit is de oorzaak van de variëteit, waarin de kunst van de Schepper wordt getoond. Sinds het begin van de wereld zijn er niet twee dezelfde gezichten geweest. Elke schilder zal wat gezichten tekenen die gelijk zijn; hoe groot moet dan niet de kunst van die Schepper zijn die al deze variëteit heeft gemaakt!

De gehele manifestatie wordt gemaakt door de twee krachten van intentie en toeval, en door de creatieve en ontvankelijke krachten. We kunnen de krachten van intentie en toeval aan het werk zien in onze levens. Als we bijvoorbeeld van plan zijn om in het park te gaan wandelen maar een vriend ontmoeten die zegt: ´Je moet naar mijn huis toe komen´, en hij ons met zich meeneemt naar zijn huis, dan hadden we het plan om naar het park te gaan, maar heeft het toeval ons meegenomen naar het huis van de vriend.

Alles in de wereld is creatief of ontvankelijk. Wanneer iemand spreekt vertoont hij het creatieve deel; degenen die aan het luisteren zijn vertonen het ontvankelijke deel. De zon en de maan, het mannelijke en het vrouwelijke, de vrucht en de bloem vertegenwoordigen allemaal de creatieve en ontvankelijke krachten van de natuur.

Is de Schepper dan niet de meester en is Hij dan niet in staat om alles te laten werken zoals Hij dat wil? Het meesterschap is er, maar de uitwerking ervan is in overeenstemming met de impressies die worden ontvangen vanuit de uiterlijke wereld.

Wanneer iemand een tijdje heeft stilgezeten zal hij willen bewegen, zijn handen, zijn voeten willen wrijven, om te voelen dat hij leeft. Als iemand zeer gehecht is aan het gezelschap van zijn vrienden en ze niet bij hem zijn, zal hij erop uit willen gaan om hen te zien. In werkelijkheid is dat niet omdat hij zijn vrienden wil; maar omdat hij zich niet in leven voelt als zijn vrienden niet tegen hem praten, als hij hun activiteit moet missen.

Een blinde zal zeggen: ´Ik ben half dood. Deze uiterlijke wereld betekent niets voor me´. Hij is in leven, maar omdat hij de activiteit van de wereld niet kan zien voelt hij zich doods. Als je diep na zou denken over wat je leven zou zijn zonder alle organen om de uiterlijke wereld te ervaren, dan zou je zien dat je zou beseffen ´ik ben´, maar niets anders. Als iemand inactief is zal hij zich ongetwijfeld in leven voelen als hij naar zijn handen en voeten kijkt; maar als hij zich niet bewus zou zijn van dit lichaam dan zou zijn gevoel anders zijn.

Die gedeelten van de schepping die niet veel activiteit bezitten kunnen we levend-dood noemen. Het mineraal voelt zich zelf niet als levend omdat het erg weinig activiteit heeft. We beschouwen de insecten, vogels en dieren als zeer levend omdat zij de grootste activiteit hebben en we sympathiseren het meest met hen.

De destructie van de vorm tijdens de manifestatie heeft geen invloed op de grote Adem van God, net zoals de eb en de vloed van de zee helemaal niet beïnvloed wordt door de golven, of ze nu deze kant of die kant op gaan. De manier van doen van de manifestatie is overal hetzelfde, vanaf het begin tot het einde en vanaf God tot het kleinste atoom. Wij halen bijvoorbeeld net als de dieren en de vogels net als God adem; en wanneer we die handelwijze van ademhaling in de gehele manifestatie voort zien gaan, op dezelfde wijze als waarop die is begonnen, dan realiseren we ons dat er één wet is, één manier waarop de hele schepping heeft plaatgevonden en tot aan het einde ervan door zal gaan.

We kunnen zien hoe mineralen veranderen in planten en planten in dieren. Er zijn stenen die hun vorm om de zes maanden of zo veranderen. Ze zijn op weg planten te worden. En er zijn planten die heel dicht bij de mineralen zijn, die heel erg op stenen lijken; hun bladeren zijn als stenen, hun bloemen zijn als stenen. Er zijn planten die vliegen vangen en eten.

De plant produceert door zijn bederf de bacterie en het insect. Elke vrucht die niet wordt gebruikt bederft en produceert veel bacterieën en wormen. We denken dat dat verspild wordt, omdat we eraan denken als aan een vrucht; maar die verandert in een hogere vorm van leven, in meer activiteit en meer bewustzijn.

Als hun activiteit toeneemt en als zij zich ontwikkelen dan komen uit insecten de vogels. Deze vogels die zijn zeer hebzuchtig zijn en vlees eten worden zwaar en blijven niet in de lucht. Degene die niet zo veel eten vliegen in de lucht; maar degene die veel vlees eten blijven op de grond en hun vleugels worden benen. Vervolgens ontstaan de dieren. Je kunt op sommige vogels tussen de veren op de nek en op andere plaatsen wat bruine haren zien; dit laat zien dat ze dieren aan het worden zijn. De dieren ontwikkelen zich totdat de mens wordt gevormd.

De kangaroe en de aap lijken het meest op de mens. Onder sommige primitieve rassen, die nog maar een relatief korte tijd menselijk zijn, kun je de gelijkenis met de dieren zien. Andere rassen zijn al lange tijd mens en zijn menselijker.

Het wiel van de evolutie is zodanig dat het bewustzijn zich geleidelijk aan ontwikkelt via de rots, de boom, het dier naar de mens. In de mens ontwikkelt het zich voldoende om zijn eigen weg terug naar zijn eeuwige staat van zijn te zoeken. De mens is het actiefste wezen; hij heeft met een grote hoeveelheid zaken te maken. Een rots heeft erg weinig activiteit en houdt lang stand; een boom heeft iets meer activiteit en zijn leven is niet zo lang als dat van een rots. Er zijn veel dieren die veel langer leven dan de mens. De mens heeft de grootste activiteit en in hem bereikt het bewustzijn zijn hoogste punt van manifestatie. In het menselijke ras kun je ook ontdekken dat het gezicht van de mens bij elke periode van de evolutie zich heeft verbeterd.

Als de mens en het dier uit dezelfde substantie worden gemaakt, waarom is de mens dan superieur aan het dier? De mens en het dier worden uit hetzelfde element gemaakt, de spirit substantie, maar de mens is de culminatie van de schepping; dat wil zeggen, de mens werd gemaakt met al de ervaring van de voorafgaande schepping. Een beeldhouwer wordt als hij zijn kunst beoefent steeds kundiger. Zijn vroege werk is niet zo volmaakt als het latere werk. Een dichter wordt steeds vaardiger in het schrijven van gedichten. Zijn vroegere gedichten zijn over het algemeen minder vaardig en volmaakt dan de latere. Toen de mens werd gemanifesteerd had de Schepper al de ervaring vanuit Zijn eerdere schepping en de gehele eerdere schepping was als het ware het geraamte voor de mens, de ideale schepping. De Schepper is de grootste idealist. De mens kan zijn beperkte ideaal hebben; het ideaal van de Onbegrensde is veel groter en dit ideaal is de mens.

Sommigen van het menselijke ras komen rechtstreeks van God, anderen zijn voortgekomen uit het koninkrijk van de mineralen, de planten en de dieren. De primitieve mens is het resultaat van deze evolutie. De mens gaat in zijn hogere ontwikkeling niet via deze stadia. Het lijkt op een werk van een beeldhouwer in India die een standbeeld wil modelleren. Hij gaat eerst de jungle in om klei te halen; vervolgens kneedt hij die en verzadigt die en bereid die voor. Wanneer die is voorbereid, gaat hij niet terug naar de jungle om voor elk standbeeld nieuwe klei te gaan halen. Hij heeft de klei tot zijn beschikking; het is altijd in het proces van voorbereiding.

Het verschil tussen welke delen van God door planten, dieren en de mens worden uitgedrukt ligt in hun lichamen en minds. De ziel is een straal; en zij zijn net als een straal één en hetzelfde. Maar het lichaam wordt, in overeenstemming met de verfijndheid van de ziel die er in woont, getooid met meer of minder intelligentie; daarom verschillen dieren en planten van de mens, maar onder de mensheid vind je ook eenzelfde soort verschillen. Sommigen hebben een planten-kwaliteit, sommigen een dieren-kwaliteit, sommigen een mensen-kwaliteit, sommigen een engel-kwaliteit. Er is een gewoonte onder de Hindoes wanneer een stel overweegt te gaan trouwen dat hun familie hun horoscoop naar een Brahmaan brengt. Het kan zijn dat hij niet echt veel in de horoscoop ziet, maar hij is over het algemeen een psycholoog en hij denkt diep na over de kwestie in welke categorie elke persoon thuishoort – of dat de categorie van de engelen, van de mensen, van de planten of van een nog verdichterde categorie is. Als hij ontdekt dat er een heel groot verschil is tussen de categorieën dan zal hij hen vertellen dat het voor hen niet juist is om te trouwen.

Er worden de hele tijd vonken van bewustzijn uitgestrooid door het bewustzijn. Zij reiken tot aan de verscheidene punten van de fasen van evolutie en wanneer de mens wordt bereikt dan is de ideale schepping verworven. Op dat moment begint de reis terug. Alleen de mens kan terugkeren naar dat licht, naar dat bewustzijn waaruit de gehele schepping is gekomen. Noch het paard, noch de hond, noch de kat zal dat licht bereiken; het is alleen de mens die het zaad is van dat goddelijke fruit. Als je de schil van een sinaasappel in de grond stopt zal die geen sinaasappelboom voortbrengen. De gehele lagere schepping werd voor de schepping van de mens gemaakt, de ideale schepping van God. In de mens wordt de gehele schepping omvat en hij alleen kan terugkeren naar de oorspronkelijke bron, God, waar hij vandaan is gekomen.

De perfectie van de manifestatie van God is de mens. Wanneer de mens perfectie bereikt, is Zijn manifestatie perfect en zonder de perfectie van de mens, zou de manifestatie van God niet perfect zijn. Perfectie wordt bereikt wanneer de mens werkelijk menselijk wordt.

Je zou je af kunnen vragen of planten, dieren, bergen, riveren ook een wezen of een schijnbaar individueel bestaan op de hogere niveaus hebben, net als de menselijke zielen dat hebben. Alles wat op het aardse niveau bestaat heeft zijn bestaan ook op de hogere niveaus; maar wat is individueel? Elk wezen en object dat duidelijk apart te onderscheiden is kan een entiteit genoemd worden, maar wat je een individu noemt is een conceptie van onze verbeelding; en de ware betekenis van die conceptie zal verwerkelijkt worden op de dag dat de ultieme waarheid haar licht op het leven schijnt. Op die dag zal niemand over individualiteit spreken; je zult ´God´ zeggen en niets meer dan dat.

Er zijn veel wezens, maar tegelijkertijd is er één, het enige Wezen. Derhalve zijn objecten zoals rivieren en bergen ook levend, maar ze bestaan slechts afzonderlijk voor onze uiterlijke visie. Wanneer onze innerlijke visie zich opent dan wordt de afscheiding als een sluier getoond; dan is er slechts één visie en dat is de immanentie van God.